Simon de Heerplantsoen
Seizoen
Lente, Zomer, Herfst, Winter
Duur
Variabel
Prijs
Gratis
Buurt
Haarlem
Wegwijs
Wegwijs90Onze eerlijke mening
“ Dit is geen ‘instagrammable’ hotspot – het is een plek waar je echt tot rust komt, maar alleen als je de stilte aankunt. Als je drukte zoekt, ga naar het Frans Hals Museum. En ja, de heuvels zijn leuk, maar ze zijn niet hoog genoeg om echt ‘uit te kijken’ – het blijft Haarlem, geen Alpen. ”
Simon de Heerplantsoen is een verborgen juweel in Haarlem-Noord, een 19e-eeuws landschapspark ontworpen door tuinarchitect Leonard Springer, waar de tijd lijkt stil te staan. Het park is vooral bekend om zijn unieke, golvende heuvels (de enige in Haarlem!) en de historische waterpartijen, die ooit deel uitmaakten van een landgoed. Wat het echt bijzonder maakt, is de absolute rust – geen toeristenmassa’s, geen drukte, alleen het geluid van vogels en het ruisen van de wind door de oude bomen. Het park is ook een paradijs voor fotografen, vooral in de lente als de kersenbloesem bloeit en in de herfst wanneer de bladeren goudkleurig worden. Vergeet niet om een kijkje te nemen bij het kleine, verborgen theekoepeltje (nog steeds in originele staat) en de vergeten ijskelder uit 1850, die tegenwoordig als opslag voor tuingereedschap dient.
Hoe kom je er? Het plantsoen ligt aan de Simon de Heerlaan 1, vlak bij de Spaarne en op loopafstand (10 minuten) van het Haarlemmermeerstation. Als je met de auto komt, parkeer bij Parkeergarage Spaarne (€2,50/u, 24/7) of gebruik de fietsenstalling bij het station (€1,50/dag). Het park is gratis toegankelijk en er zijn geen hekken – je loopt gewoon naar binnen via de hoofdingang (een smalle, begroeide oprijlaan). Let op: het terrein is ongelijk (grindpaden, zand, en enkele hellingen), dus comfortabele schoenen zijn een must. Er zijn geen toiletten in het park zelf, maar je vindt ze bij Café de Prins (5 minuten lopen, open van 9u-18u) of bij het station. Fietsen mag, maar alleen op de aangegeven paden (de heuvels zijn privé-eigendom, dus niet afdwalen).
Het beste moment om te gaan is vroeg in de ochtend (7-9u) of laat in de middag (15-17u), wanneer het licht zacht is en de meeste wandelaars alweer weg zijn. Lente (april-mei) is magisch door de bloesem, maar herfst (oktober-november) is nog mooier – de kleuren zijn intenser en het park is dan bijna uitgestorven. In de winter (december-februari) is het park kaal, maar de ijzige waterpartijen en de besneeuwde heuvels hebben een bijna sprookjesachtige sfeer. Vermijd zaterdagmiddagen in de zomer (12-16u), want dan zitten er soms picknickende gezinnen of hardlopers die de rust verstoren. Als je absoluut alleen wilt zijn, ga op een doordeweekse dag in september – dan is het park leeg en de lucht vaak helderblauw.
Kom voor 9u op een doordeweekse dag in mei en loop direct naar het noordoostelijke hoekje van het park – daar staat een vergeten, overgroeide bank (bij de oude eik met de gespleten stam) waar je uitzicht hebt over de hele Spaarne zonder dat iemand je ziet.
In oktober, zoek naar de rode esdoorn bij de ijskelder – die staat precies op het zuiden en kleurt als eerste vuurrood. Fotografeer hem om 16u als de zon laag staat, dan krijg je een gouden backlight-effect.
Als je echt alleen wilt zijn, ga rechtstreeks naar het theekoepeltje (het kleine, witgepleisterde gebouwtje met de groene deur) en loop achterlangs – daar is een verborgen pad naar een kleine vijver waar nooit iemand komt. Let op: het pad is modderig, dus laarzen aan.
In de winter, neem een thermoskan thee en ga om 8u ’s ochtends naar de westelijke helling – daar staat een oude, omgevallen beuk die als natuurlijke bank dient. De zon komt daar eerst en het is de warmste plek in het hele park.
Ja, het is 100% gratis en vrij toegankelijk – het is gemeentelijk bezit, maar een deel van het terrein (de heuvels en het bosgebied) ligt op privaat land van de familie De Heer. Je mag overal lopen, maar niet kamperen, vuurtjes stoken of afval achterlaten – de eigenaar patrouilleert soms met zijn hond.
Ja, maar slechts op twee plekken: bij het theekoepeltje (1 bankje, vaak bezet) en bij de grote eik aan de oostkant (2 bankjes, minder bekend). Neem een kleed mee – de grond is vochtig en er zitten mieren. Drinken mag, maar geen glas (te veel glasscherven van vorige bezoekers).
Nee, geen enkele verlichting – na zonsondergang is het pitchdonker. Er zijn geen straatlantaarns en het park heeft geen officiële avondopening. Als je per se wilt, neem een zaklamp en blijf op de hoofdpaadjes (de heuvels zijn ’s nachts glibberig door dauw).
Simon de Heer (1819–1886) was een Haarlemse textielfabrikant en liefhebber van landschapsarchitectuur. Hij kocht het landgoed in 1850 en liet het omtoveren tot een Engels landschappark (met heuvels, waterpartijen en een theekoepel). Na zijn dood schonk zijn familie het park aan de gemeente, op voorwaarde dat het altijd openbaar bleef.
Honden mogen los, maar alleen als ze goed luisteren. Er lopen soms schapen in het westelijke deel (van een boer uit Heemstede), en die schrikken snel. Als je hond jachtinstinct heeft, hou hem aan de lijn bij de vijver – daar zitten wild konijnen.