Linnaeustuin
Seizoen
Lente, Zomer, Herfst, Winter
Duur
Variabel
Prijs
Gratis
Buurt
Haarlem
Wegwijs
Wegwijs90Onze eerlijke mening
“ De Linnaeustuin is geen groot spektakel, maar een stille, mooie plek voor wie even weg wil van de drukte. Als je op zoek bent naar een Instagram-worthy spot met selfiesticks en drukte, ga dan liever naar de Grote Markt. Hier kom je voor de rust, de geschiedenis en de geur van oude kruiden – niet voor entertainment. ”
De Linnaeustuin is een verborgen botanische schatkamer in Haarlem, vernoemd naar de beroemde botanicus Carl Linnaeus. Deze 1,5 hectare grote tuin is een levend museum van planten uit de 18e eeuw, met zeldzame soorten, kruiden en bomen die ooit door Linnaeus zelf werden bestudeerd. Wat het bijzonder maakt, is de authentieke sfeer: de tuin is aangelegd volgens de oorspronkelijke plannen uit 1787 en voelt als een tijdreis. Je loopt tussen bakstenen paden, langs symmetrische perken en onder een reusachtige eik die al meer dan 200 jaar oud is. De tuin is ook een paradijs voor insecten en vogels, waardoor je hier vaak vlinders, bijen en zangvogels ziet – zelfs midden in de stad.
Je vindt de Linnaeustuin aan de Kruisstraat 172, op loopafstand van het centrum (10 minuten vanaf de Grote Markt). De ingang is aan de achterkant van het Teylers Museum – kijk uit naar het kleine, groene hek tussen de huizen. Praktische info: de tuin is gratis, maar je moet wel even aanbellen bij het museum (of via de app) om binnen te komen. Er zijn geen toiletten in de tuin zelf, maar die vind je wel in het Teylers Museum (€3,50 entree, maar je hoeft niet naar binnen te gaan). Parkeergelegenheid: de dichtstbijzijnde parkeergarage is Q-Park Spaarne (€2,50/u, 5 minuten lopen). Fietsen kun je kwijt in de fietsenstalling bij het museum. Het terrein is grotendeels verhard (baksteen en grind), met enkele grasperken – comfortabel voor wandelschoenen, maar niet ideaal voor hakken.
Het beste moment om te gaan is vroeg in de ochtend (9-10u) of laat in de middag (15-17u), als de zon laag staat en de tuin een gouden gloed krijgt. Lente (april-mei) is magisch door de bloeiende kruiden en bomen, maar herfst (september-oktober) is nog mooier: de kleurenpracht van de bladeren en de rustige sfeer maken het perfect voor een wandeling. In de winter is de tuin gesloten (november-maart), maar als je geluk hebt, mag je soms in december nog even kijken als de sneeuw op de oude bomen ligt. Tip: ga op een woensdagochtend – dan is het meestal rustig, en de tuin voelt extra intiem.
Kom voor 9u op een doordeweekse ochtend – dan is de tuin nog leeg, en de tuinmannen zijn vaak aan het werk. Vraag ze naar de zeldzame planten die ze verzorgen; ze vertellen je graag over de geschiedenis.
Loop achterin naar het kleine glazen kasje – daar staan de oudste kruiden uit Linnaeus’ tijd, en in de zomer ruikt het er naar lavendel en rozemarijn. Soms staan er ook bijzondere experimenten van het museum.
Neem een notitieboekje mee en teken de tuin zoals Linnaeus dat zou doen. De symmetrie en de oude bordjes met Latijnse namen maken het een unieke oefening in observatie – en je ziet details die je anders zou missen.
Als je in juli of augustus gaat, kom dan na 16u – dan zijn de bijen het actiefst, en je hoort ze zoemen tussen de bloemen. Het is alsof je in een levend schilderij stapt.
Nee, de tuin is gratis, maar je moet wel aanbellen bij het Teylers Museum (Kruisstraat 73) of een reservering maken via hun website (soms is de tuin gesloten voor evenementen).
Officieel niet, maar als je rustig bent en je afval meeneemt, wordt er meestal niets gezegd. Neem een kleed mee en ga zitten bij de grote eik – daar val je het minst op.
Nee, er zijn geen officiële rondleidingen, maar als je geluk hebt, loopt er een vrijwilliger van het Teylers Museum rond die je korte verhalen vertelt over de planten. Vraag ernaar bij de ingang!
Ja, honden aan de lijn zijn welkom, maar katten en andere dieren zijn verboden. Houd je hond dicht bij je – er staan veel fragiele planten die snel beschadigd raken.
De tuin is gesloten van november tot maart omdat de oudere planten in de kou kunnen beschadigen. Bovendien is het terrein dan glad en modderig, en het museum wil de tuin beschermen. In de zomer (juni-augustus) is hij dagelijks open, maar in het najaar alleen in het weekend.