
het Prinsenhof
Seizoen
Lente, Zomer, Herfst, Winter
Duur
Variabel
Prijs
Gratis
Buurt
oude-stad
Wegwijs
Wegwijs97Onze eerlijke mening
“ Het Prinsenhof is geen Instagram-spot of hippe hang-out — het is een stille, wat vergeten plek waar je even kunt doen alsof je in 1650 leeft. Als je op zoek bent naar een druk terras of een perfecte foto, ga liever naar de Grote Markt. Maar als je echte Haarlemse sfeer wilt — met kasseien die al 400 jaar dezelfde zijn, en muren die fluisteren over Willem III — dan is dit je plek. ”
Het Prinsenhof in Haarlem is een van de weinige overgebleven prinsenhoven in Nederland — een historisch stadhouderlijk verblijf uit de Gouden Eeuw, waar Willem III en andere vorsten verbleven tijdens hun bezoeken aan de stad. Wat het bijzonder maakt, is dat het niet alleen een monument is, maar ook een levend stukje Haarlemse geschiedenis: de tuin, de gevels en zelfs de kasseien vertellen verhalen over macht, diplomatie en het dagelijks leven in de 17e eeuw. Het complex, oorspronkelijk een klooster, werd in 1581 omgebouwd tot verblijf voor de stadhouder en is nu een gratis toegankelijk buitengebied midden in de stad, waar je tussen de muren van de voormalige Prinsentuin kunt lopen — een zeldzaam voorbeeld van hoe vorsten destijds hun privétuinen inrichtten.
Je komt er via de Prinsengracht (5 minuten lopen vanaf het Grote Markt), of via de Bakenesserstraat (3 minuten vanaf het Frans Hals Museum). Het terrein is gratis toegankelijk, maar let op: het is geen formeel park met bankjes of picknicktafels — het is een ruige, authentieke buitenruimte met kasseien, grasperken en oude muren. Er zijn geen toiletten op het terrein zelf, maar je vindt ze in het Stadhuis (2 minuten lopen) of in Café de Prins (direct aan de gracht). Parkeer je fiets bij de fietsenstalling aan de Bakenesserstraat (€2,50 per dag, 24/7 beveiligd). Let op: het terrein is slechts 1,5 hectare groot — klein genoeg om in 20 minuten te verkennen, maar groot genoeg om even uit de drukte van de stad te ontsnappen.
Het beste moment om het Prinsenhof te bezoeken is vroeg in de ochtend (8-10 uur) of laat in de middag (16-18 uur), wanneer de zon laag staat en de gevels van het voormalige klooster in een warme gloed staan. Herfst is de mooiste tijd: de bomen in de tuin kleuren rood en geel, en de kasseien glimmen na een regenbui. In de zomer (juni-augustus) is het er drukker, maar dan bloeien de rozenstruiken langs de muren — een overblijfsel uit de tijd van de prinsentuin. Winter heeft zijn eigen charme: als het gevroren heeft, ligt het terrein er stil en majesteitelijk bij, alsof de tijd stilstaat. Vermijd woensdagmiddagen (13-15 uur), wanneer er vaak schoolgroepen rondlopen voor geschiedenislessen.
Kom voor 9 uur ’s ochtends in de zomer: dan staat de zon precies zo dat de oostelijke gevel (met de originele kloosterstenen) in het licht baadt — de beste tijd voor foto’s zonder toeristen.
Loop via de kleine poort aan de Bakenesserstraat (naast Café de Prins) — daar zie je het originele wapen van de stadhouder boven de deur, verborgen achter klimop. De meeste mensen missen het omdat ze via de grote ingang komen.
In september (tijdens de Haarlemse Hofdagen) wordt het Prinsenhof soms gebruikt voor historische markten — vraag dan bij Café de Prins naar de verborgen kelder onder het terrein, waar vroeger wijn voor de stadhouder werd opgeslagen. (Slechts 1x per jaar toegankelijk!)
Neem een thermoskan thee mee en ga zitten op de bank bij de oude put (het enige bankje op het terrein, verstopt achter de muur). Als je geluk hebt, hoor je de klokken van de Grote Kerk precies om 12 uur slaan — dat was vroeger het teken dat de stadhouder zijn middagmaal kreeg.
Ja, het is 100% gratis. Je loopt gewoon via de open ingangen (Prinsengracht of Bakenesserstraat) naar binnen. Er zijn geen kaartjes, geen poortjes — alleen de stad en haar geschiedenis.
Officieel niet, omdat het geen uitgerust park is. Maar in de praktijk doen veel mensen het wel — zolang je je afval meeneemt en niet op de kasseien gaat zitten (die zijn glad als het geregend heeft). Neem een kleedje mee en ga op het gras bij de muur.
Nee, er zijn geen officiële rondleidingen. Maar als je geluk hebt, staan er soms vrijwilligers van de Historische Vereniging Haarlem bij de ingang (vooral in de zomer) die korte verhalen vertellen over de stadhouder en het klooster. Vraag naar ‘de geheime gang’ — die zou volgens de legendes onder het terrein lopen.
Ja, honden zijn welkom, maar aan de lijn. Het terrein is klein en er lopen vaak kinderen. De enige regel: niet laten plassen tegen de oude muren (dat vinden de beheerders niet leuk).
Omdat het geen paleis was — het was een tijdelijk verblijf voor vorsten tijdens hun reizen. ‘Prinsenhof’ betekent letterlijk ‘hof van de prins’, en het was vaak een bescheiden maar representatief onderkomen met een tuin, geen luxe paleis. Haarlem had geen geld voor een groot paleis, dus werd dit klooster omgebouwd.