
Heimanshof
Seizoen
Lente, Zomer, Herfst, Winter
Duur
Variabel
Prijs
Gratis
Buurt
Haarlem
Wegwijs
Wegwijs78Onze eerlijke mening
“ Als je drukte en instagrammable spots zoekt, ga dan naar het Tesseltuinpark. Maar als je echte stilte, wilde natuur en het gevoel hebt dat je 100 jaar terug in de tijd bent, is de Heimanshof je plek. Alleen: als je hier komt met een buggy of een kinderwagen, bereid je voor op modder en zand—de paden zijn niet voor niets ‘natuurlijk’. ”
De Heimanshof is een verborgen juweel in de Kennemerduinen, een 17e-eeuws landhuis omringd door 12 hectare natuurlijk duinlandschap met zeldzame planten, kronkelende wandelpaden en uitzichten die je niet in een toeristische gids vindt. Wat het bijzonder maakt? Dit is geen overvolle toeristische trekpleister, maar een stille oase waar je tussen de duinroosjes, zandzegge en zelfs orchideeën loopt, terwijl je op de achtergrond het geruis van de duinmeertjes hoort. Het terrein is eigendom van Natuurmonumenten, maar de sfeer is die van een privé-landgoed—met een mix van formele tuinen (ontworpen door Lodewijk Pincoffs, de tuinarchitect van de Haarlemse elite) en wilde duinvalleien. Hier kom je niet voor selfies, maar voor echt stilte, een picknick op een bankje met uitzicht over de Haarlemmermeer of een wandeling waar je na 20 minuten nog steeds geen andere mens ziet.
Je komt er via twee routes: lopen (30 min vanaf Haarlem CS via de Duinweg, een rustige asfaltweg die langs boerderijen en duinranden slingert) of fietsen (15 min via de N243, waar je bij Velserbroek afslaat richting Overveen). Parkeer je auto? Er is een gratis parkeerterrein (100 plekken) bij de ingang, maar kom voor 10u als je zeker wilt dat je een plek vindt—na 11u wordt het drukker met dagjesmensen uit Amsterdam. Toiletten zijn er (schoon, maar geen luxe), en er staat een waterpomp bij de ingang voor honden en flessen. Fietsenrekken zijn er ook, maar ze staan vaak vol—bind je fiets liever aan een boom met een stevige ketting. Let op: het terrein is onverhard—zandpaden, gras en hier en daar grind. Goede wandelschoenen zijn een must, vooral na regen.
Het beste moment is maandagochtend in mei of september: dan zijn de duinbloemen op hun mooist, is het terrein nog niet overgenomen door weekendwandelaars, en is de lucht zo helder dat je tot Amsterdam-Zuidoost kunt kijken. In de zomer (juni-augustus) is het ’s ochtends voor 9u magisch stil, maar na 11u wordt het druk met gezinnen en hondenuitlaters. In de herfst (oktober-november) zijn de kleuren van de duinstruiken spectaculair, maar het kan winderig zijn—neem een jas. Winter? Bij vorst is het terrein soms gesloten (check de Natuurmonumenten-app), maar als het open is, heb je het hele landgoed voor jezelf—de stilte is bijna tastbaar. Vermijd zaterdagen in juli/augustus: dan staat de parkeerplaats vol met Amsterdammers die ‘even de natuur in gaan’—en dan is de sfeer meer picknickpark dan wild duinlandschap.
Kom voor 9u op een doordeweekse dag in mei en loop direct naar het noordelijke duinmeer—daar zitten vaak watersnippen en kieviten, en het water is zo stil dat je je eigen reflectie ziet. Neem een verrekijker mee, maar niet te opzichtig—de vogelaars hier houden niet van toeristen die hun rust verstoren.
Volg het rode paaltje (het ‘geheime pad’) achter het landhuis—na 500 meter kom je bij een verborgen bankje met uitzicht over de Haarlemmermeer, waar bijna niemand komt. Het pad is smal en overgroeid, dus kijk goed waar je loopt (tikken kunnen bijten!).
In september zijn de duinbramen rijp—pluk ze voor 10u, want dan zijn ze het zoetst. Maar pas op: er zitten vaak egels tussen de struiken, dus loop niet met blote benen.
Als je fotograaf bent, ga op een bewolkte dag in oktober—het licht is dan zacht en de kleuren van de duinstruiken (paars, geel, rood) staan het mooist. De oude eiken bij de ingang werpen dan lange schaduwen—perfect voor zwart-witfoto’s. Neem een statief mee, maar zet het niet op het gras (dat mag niet van Natuurmonumenten).
Nee. Er is geen enkele horeca—alleen een waterpomp bij de ingang. Neem water, eten en een deken mee als je langer blijft. Het dichtstbijzijnde café is De Duinroos in Overveen (10 min fietsen), maar dat is meer een boerencafé dan een hippe lunchspot.
Ja, aan de lijn tot 1 oktober, daarna los (maar ze moeten gehoorzaam zijn—er lopen schapen in de duinen). Neem een poepzakje mee, want de boswachter controleert. Agressieve honden worden direct verwijderd.
Overdag absoluut veilig—je ziet bijna nooit andere mensen. ’s avonds (na zonsondergang) is het terrein officieel gesloten, maar als je voorzichtig bent, kun je er wel lopen. Neem een zaklamp mee (het is pitchdonker in de duinen) en blijf op de hoofdpaden—er zitten vossen en dassen, maar die zijn niet gevaarlijk. Niet alleen gaan als je bang bent in het donker.
Ja, maar niet op de duinpaden—alleen op de asfaltwegen rondom het terrein (zoals de Duinweg). Op het zand zelf mag je niet fietsen (te veel schade aan de natuur). Er zijn geen fietspaden door de duinen, alleen wandelroutes.
Gesloten schoenen (zand en steentjes komen in je sandalen), een lange broek (tikken en brandnetels), en een jas—het is altijd winderig in de duinen, ook in de zomer. In de winter: waterdichte laarzen (modder en nat zand). Zonnebrand is ook belangrijk—er is geen schaduw op de open duinhellingen.